Bij lobby-instituut AmCham is het altijd vijf voor twaalf

Jaarlijks presenteert de American Chamber of Commerce een document van pakweg acht pagina’s met ‘Priority Points’. Traditiegetrouw komt een minister of staatssecretaris dat wensenlijstje tijdens een luxe lunch in ontvangst nemen. Kenmerkend aan de aanbevelingen van AmCham is de alarmistische toon: als Nederland niet snel actie onderneemt, dreigt het achterop te raken in de fiscale strijd met enkele andere Europese landen.

Als je naar de website van de American Chamber of Commerce (AmCham) surft en klikt op History of Advocacy, dan is een breedbeeldbanner van het Binnenhof het eerste dat je ziet. Eronder staat een lange reeks uiteenlopende zaken die AmCham tot haar lobbysuccessen rekent. De opsomming leest als een milde vorm van borstklopperij:

Invloed op de uitkomst van verschillende verdragen tussen Nederland en de Verenigde Staten. Het afwenden van een amendement dat ondernemingsraden zeggenschap moest geven over het dividendbeleid van bedrijven. Het bevorderen van flexibele werktijden en het verruimen van de openingstijden van winkels. Fungeren als belangrijke speler in de hervorming van het belastingstelsel. Zorgen voor juridische en financiële tegemoetkomingen voor expats. Herhaaldelijk de vennootschapsbelasting naar beneden krijgen.   

Op diezelfde pagina somt AmCham nog meer aangelegenheden op waarbij zij naar eigen zeggen een vinger in de pap had. Hoewel AmCham hier al decennia een grote speler is, is haar invloed velen lange tijd ontgaan. Zelfs mensen bij ngo’s die zich beroepsmatig met bijvoorbeeld belastingzaken bezighouden, hadden deze lobbyclub niet direct in het vizier. Enkele verzoeken op de Wet openbaarheid van bestuur ten aanzien van belastingzaken brachten daar de afgelopen jaren verandering in.  

Lees het hele artikel op Follow the Money.